Wat een vertaler verzwijgt over de roman

Er is een moment waarop je als lezer iets voelt dat je niet meteen kunt benoemen. De zin klopt, de betekenis is helder, maar er ontbreekt iets. Dat gevoel ken ik goed, en het heeft me jarenlang beziggehouden: wat gaat er precies verloren in de vertaling van een roman, en wie beslist dat?

De onzichtbare keuze achter elke zin

Een vertaler is geen doorgeefluik. Elke zin die iemand omzet naar een andere taal bevat tientallen kleine beslissingen, de meeste onbewust, sommige met grote gevolgen voor de toon van een boek. Neem het verschil tussen een protagonist die zei en een protagonist die mompelde. In het origineel kan die keuze functioneel zijn, een aanwijzing over karakter of spanning. In de vertaling verdwijnt die nuance soms gewoon, omdat het equivalent in de doeltaal net iets anders klinkt of net iets anders weegt.

Vertaalkeuzes zijn zelden willekeurig, maar ze zijn ook zelden volledig verantwoord. Vertalers werken onder tijdsdruk, met woordlimieten, en soms met redacteuren die de tekst nog een keer bewerken. Wat de lezer uiteindelijk in handen heeft, is het resultaat van een keten van beslissingen waarvan de meeste onzichtbaar blijven.

Waarom de stem van de auteur zo kwetsbaar is

Het moeilijkste om te vertalen is geen vocabulaire. Het is ritme. Een schrijver als Toni Morrison bouwt haar zinnen op een manier die doet denken aan gesproken taal, aan prediking, aan rouw. Die cadans is niet los te koppelen van de betekenis. Als je haar zinnen inkort om ze vlotter te laten lopen in het Nederlands, verlies je iets wezenlijks, ook al begrijpt de lezer de inhoud nog steeds.

Ik heb de Nederlandse vertaling van Beloved naast het origineel gelegd en gemerkt hoe vaak de vertaler heeft gekozen voor een vloeiendere constructie ten koste van de herhaling die Morrison zo bewust inzet. Die herhaling is geen stijlfout. Ze is de stem. Stemoverdracht is misschien wel de moeilijkste taak die een literair vertaler heeft, en het is ook de taak die het minst zichtbaar is in recensies.

Het debat over letterlijkheid

Er bestaat een oud en nooit beslecht debat in de vertaalwereld: moet een vertaling de lezer naar de tekst brengen, of de tekst naar de lezer? De eerste benadering, die je kunt associëren met denkers als Walter Benjamin, houdt vast aan de vreemdheid van het origineel. De tweede, pragmatischer benadering, mikt op leesbaarheid en toegankelijkheid.

Geen van beide is per definitie beter. Een te letterlijke vertaling kan een tekst onleesbaar maken. Een te vrije vertaling kan hem domesticeren tot hij zijn eigenheid verliest. Wat ik interessant vind, is dat lezers zelden weten welke keuze er gemaakt is. Ze lezen het boek alsof het gewoon een boek is. De vertaalstrategie blijft verborgen achter de tekst zelf, en dat is misschien ook precies de bedoeling.

Wat herdrukken ons leren over vertalingen

Soms wordt een klassieke roman opnieuw vertaald, en dan wordt het verschil ineens zichtbaar. Twee Nederlandse vertalingen van hetzelfde boek, naast elkaar gelegd, zijn een les in hoe taal en tijd samenwerken. Een vertaling uit 1962 klinkt anders dan een uit 2019, niet alleen omdat de taal veranderd is, maar ook omdat de opvattingen over wat een goede vertaling is, zijn verschoven.

Ik denk aan de verschillende vertalingen van Dostojevski die de afgelopen decennia zijn verschenen. Sommige vertalers kozen voor een archaïserende stijl om de negentiende-eeuwse sfeer te bewaren. Anderen moderniseerden bewust, omdat ze vonden dat de lezer anders te veel energie kwijt is aan de taal zelf in plaats van aan de roman. Beide keuzes zijn verdedigbaar. Beide zeggen iets over het tijdperk waarin ze gemaakt zijn. Herdrukken zijn in die zin niet alleen commerciële beslissingen, maar ook culturele posities.

De verantwoordelijkheid van de uitgever

Wat me al langer bezighoudt, is de vraag wie eigenlijk eindverantwoordelijk is voor een vertaling. De vertaler tekent, maar de uitgever beslist. Over het budget, de planning, de keuze van de vertaler zelf. In Nederland zijn de honoraria voor literair vertalers al jarenlang onderwerp van discussie, en terecht. Een vertaler die onder druk staat, minder tijd heeft of minder betaald wordt, kan simpelweg niet dezelfde kwaliteit leveren als iemand die de ruimte krijgt om een tekst echt te doordenken.

Er zijn publicaties en organisaties die dit debat voeren, en ik volg dat met interesse. Communicatie over wat vertalers doen en wat ze verdienen, blijft vaak intern, binnen de sector. Dat geldt trouwens voor veel vormen van professionele communicatie: de manier waarop mensen in een vakgebied hun werk uitleggen aan de buitenwereld is zelden vanzelfsprekend (https://www.funk-e.com/diensten/leiderschapscommunicatie). Terug naar vertalers: zolang het publiek niet weet hoe een vertaling tot stand komt, is er weinig druk om de omstandigheden te verbeteren.

De uitgeverijpraktijk is dus niet los te zien van de literaire kwaliteit van wat er uiteindelijk op de plank ligt. Dat is een ongemakkelijke conclusie, maar ik denk dat ze juist is.

Wat je als lezer kunt doen

Je hoeft geen Russisch te leren om een betere lezer van vertalingen te worden. Er zijn een paar gewoonten die helpen. Kijk wie de vertaler is. Lees de verantwoording achterin als die er is, want soms schrijven vertalers een noot over hun keuzes en die noten zijn vaak het interessantste stuk van het boek. Vergelijk, als je de kans hebt, een alinea uit twee verschillende vertalingen van hetzelfde werk. Je hoeft het origineel niet te kennen om te zien hoe anders dezelfde scène kan aanvoelen.

  • Noteer de naam van de vertaler, niet alleen de auteur
  • Zoek naar vertalersverantwoording of nawoorden
  • Lees een recensie die expliciet over de vertaling gaat, niet alleen over het verhaal
  • Vergelijk bij herdrukken altijd een passage uit beide versies
  • Vraag je bij een stroeve zin af: is dit de auteur, of de vertaling?

Kritisch lezen is niet hetzelfde als wantrouwend lezen. Het is nieuwsgierig lezen. Je hoeft een boek niet minder mooi te vinden als je weet dat de vertaler ergens een keuze heeft gemaakt die je anders had gedaan. Maar je begrijpt het boek beter als je weet dat die keuze er was.

Veelgestelde vragen over literaire vertaling

Hoe weet ik of een vertaling goed is als ik het origineel niet ken?

Dat is precies de moeilijkheid, en ook de reden waarom vertaalrecensies zo waardevol zijn. Je kunt letten op consistentie van toon, op de vraag of dialogen natuurlijk klinken, en op of de stijl van de auteur zoals je die uit andere boeken kent terugkomt. Recensenten die het origineel wél kennen, kunnen je daarin wegwijs maken. Maar ook zonder die vergelijking kun je voelen wanneer een tekst ergens hapert.

Waarom worden klassieke romans opnieuw vertaald?

Taal verandert, en opvattingen over vertalen ook. Een vertaling die in 1950 als uitstekend gold, kan nu gedateerd klinken of ideologisch gekleurd zijn op manieren die destijds onopgemerkt bleven. Nieuwe vertalingen zijn ook een manier om een klassiek werk opnieuw onder de aandacht te brengen, bij een nieuwe generatie lezers die anders misschien niet zou beginnen.

Verdienen literaire vertalers genoeg?

In de meeste gevallen niet. De tarieven voor literaire vertaling zijn in Nederland al decennia onderwerp van zorg, zowel bij vertalers zelf als bij organisaties die hen vertegenwoordigen. Het werk is tijdrovend, vergt hoge expertise en wordt slecht betaald in verhouding tot wat het oplevert voor uitgevers en boekhandels. Dat heeft directe gevolgen voor wie er voor dit werk kiest en hoeveel tijd diegene eraan kan besteden.