Er is iets merkwaardigs aan het vasthouden van twee edities van hetzelfde boek. Ik doe het regelmatig: een oude pocket naast een nieuwe gebonden uitgave leggen, de rug vergelijken, de flaptekst lezen alsof het een vertaling van een vertaling is. Wat een uitgeverij kiest te benadrukken bij een herdruk, zegt bijna evenveel over het boek als het boek zelf.
De eerste editie als tijdsdocument
Een eerste editie is altijd een gok. De uitgever weet nog niet hoe het boek zal landen, wie het zal lezen, welke zin er uit zal worden gehaald en eindeloos geciteerd. De flaptekst is geschreven in de hoop op een publiek dat nog niet bestaat. Dat merk je. Er zit iets tastends in, iets dat probeert meerdere lezers tegelijk te overtuigen: de literaire lezer, de nieuwsgierige lezer, de lezer die eigenlijk op zoek was naar iets anders maar toch bleef hangen bij de tafel met nieuwe titels.
Ik heb een aantal jaren in een boekhandel gewerkt en ik herinner me hoe we debuten presenteerden: voorzichtig, met een beetje omschrijving en veel ruimte voor de lezer om zelf te beslissen. De flaptekst van een debuut is zelden zeker van zichzelf. Dat is geen gebrek. Het is eerlijkheid.
Wat er verandert bij een herdruk
Bij een herdruk weet de uitgever meer. Er zijn recensies, er zijn lezers, er zijn citaten die zijn blijven hangen. De nieuwe flaptekst is geschreven vanuit kennis achteraf. Dat klinkt als een voordeel, maar het is ook een inperking. Een boek dat tien jaar lang op allerlei manieren is gelezen, wordt bij een herdruk soms teruggebracht tot één lezing: de meest toegankelijke, de meest verkoopbare, de lezing die het minste uitleg vraagt.
Ik houd van herdrukken die die verleiding weerstaan. Die de nieuwe flaptekst schrijven alsof het boek nog steeds iets te verrassen heeft, ook voor de lezer die de naam al kent. Dat is moeilijker dan het lijkt. Bekendheid maakt lui.
Het werk van de omslag
De omslag van een herdruk is zelden toevallig. Uitgevers weten dat een omslag een boek opnieuw kan positioneren zonder één woord van de tekst te veranderen. Een roman die in zijn eerste editie werd gepresenteerd als literair werk, kan bij een herdruk een omslag krijgen die hem in de buurt brengt van psychologische spanning. Niet door te liegen, maar door te kiezen welke toon er wordt aangeslagen.
Ik vind dat fascinerend en soms ook ongemakkelijk. Een omslag is een belofte aan de lezer. Als die belofte verschuift, verschuift ook de verwachting waarmee iemand de eerste bladzijde opent. En verwachting is niet neutraal: ze kleurt wat je leest. Een lezer die een boek oppakt omdat de omslag donker en dreigend is, leest de eerste scène anders dan iemand die hetzelfde boek oppakt vanwege een aanbeveling van een vriend die zei dat het hem had ontroerd.
Wat de nawoorden onthullen
Veel herdrukken krijgen een nawoord. Soms van de auteur zelf, soms van een criticus of collega-schrijver. Die nawoorden zijn interessant om te lezen als een soort tweede boek naast het eerste: ze vertellen hoe het werk is ontvangen, welke vragen het heeft opgeroepen, wat de auteur er zelf van vindt nu er jaren overheen zijn gegaan.
Het mooiste nawoord is er een dat het boek niet verklaart maar verder opent. Dat zegt: hier zijn nog meer deuren, hier zijn vragen die ik zelf niet had voorzien. Het minst interessante nawoord is er een dat het boek dichttimmert, dat uitlegt wat de auteur bedoelde en daarmee de lezer de kans ontneemt om iets anders te hebben begrepen. Ik heb een keer een nawoord gelezen waarin de auteur zo precies beschreef wat elk personage symboliseerde, dat ik het gevoel had dat ik de roman had moeten teruggeven. Niet omdat de uitleg fout was, maar omdat ze de ruimte wegnam die het boek zo zorgvuldig had gecreëerd.
Het verschil tussen wat verkoopt en wat blijft
Herdrukken zijn een van de weinige momenten waarop je kunt zien welke boeken de markt hebben overleefd. Niet elk boek dat goed werd ontvangen, wordt herdrukt. Niet elk boek dat slecht verkocht, verdwijnt. Er zijn boeken die decennialang in kleine oplages blijven bestaan, geliefd bij een handvol lezers die ze aan elkaar doorgeven als een geheim.
Ik denk weleens dat de boeken die blijven, de boeken zijn die iets vragen van de lezer. Niet per se moeilijk zijn, maar iets verlangen: aandacht, geduld, de bereidheid om in een zin te blijven zitten ook als die zin niet meteen opent. De boeken die verkopen zijn niet altijd de boeken die blijven, en de boeken die blijven zijn niet altijd de boeken die op tijd werden herkend. Een herdruk is soms een erkenning die te laat komt. Dat heeft iets droevigs en iets moois tegelijk.
Vertaalkeuzes bij herdrukken
Als een vertaald boek wordt herdrukt, stelt de uitgever zich een vraag die ik altijd interessant vind: blijft de bestaande vertaling, of wordt er een nieuwe gemaakt? Beide keuzes zeggen iets. Een nieuwe vertaling erkent dat taal veroudert, dat de keuzes van een vertaler uit een andere tijd soms wringen tegen het oor van een hedendaagse lezer. Een hergebruikte vertaling zegt: dit werk is goed genoeg om te blijven, de taal is deel van de ervaring geworden.
Ik heb beide meegemaakt als lezer. Er zijn vertalingen die ik niet los kan denken van het boek, waarbij een nieuwe versie voelt als een andere kamer in hetzelfde huis: vertrouwd in de structuur, maar alles staat anders. En er zijn vertalingen die ik met opluchting heb ingewisseld voor een nieuwe, omdat de oude me op elke pagina eraan herinnerde dat ik een kopie las van iets wat in een andere taal veel soepeler stroomde.
Het werk van de vertaler is bij herdrukken zichtbaarder dan bij eerste edities, juist omdat er nu vergelijkingsmateriaal is. Lezers die de eerdere versie kennen, lezen de nieuwe met een dubbel oog. Dat is een bijzondere positie voor een tekst om in te verkeren.
Waarom ik herdrukken anders lees
Ik lees een herdruk nooit op dezelfde manier als een eerste editie. Bij een eerste editie lees ik zonder net. Ik weet niet wat er komt, ik weet niet hoe het boek is ontvangen, ik heb geen verwachtingen die zijn gevormd door andermans oordeel. Dat is een vrijheid die ik koester en die je maar één keer hebt per boek.
Bij een herdruk lees ik met een bewustzijn van de weg die het boek heeft afgelegd. Dat is niet minder interessant, maar het is anders. Ik let op wat de uitgever heeft gekozen te bewaren en wat te veranderen. Ik lees de flaptekst als een argument. Ik vraag me af waarom dit boek nu opnieuw verschijnt: is er een aanleiding, is er een nieuw publiek, of heeft iemand bij de uitgeverij gewoon jarenlang gevochten voor dit ene boek en eindelijk gewonnen?
Die laatste reden is mijn favoriet. Er zijn boeken die bestaan omdat iemand ze niet liet verdwijnen. Dat is een vorm van liefde die zelden wordt vermeld op de flaptekst, maar die je soms kunt voelen in de zorg waarmee een herdruk is gemaakt: in het papier, in de marges, in de keuze voor een lettertype dat het lezen vertraagt op precies de goede manier. Een boek dat met aandacht is herdrukt, vraagt om aandacht terug. Ik geef die graag.