Je hebt een boek gelezen dat je bijblijft, en dan ontdek je dat het een vertaling is. Vraag je dan af: heb ik eigenlijk wel hetzelfde boek gelezen als iemand die de brontaal beheerst?
De onzichtbare keuzes van de vertaler
Een vertaler maakt per pagina tientallen beslissingen die de lezer nooit ziet. Welk register past bij deze personage? Hoe lang mag een zin worden voordat hij breekt? Is de ironie in het origineel subtiel of scherp, en wat doe je daarmee in het Nederlands?
Die keuzes zijn zelden willekeurig. Een goede vertaler heeft een poëtica, een manier van kijken naar taal die doorwerkt in elke keuze die ze maakt. Vertaalstijl is net zo herkenbaar als schrijfstijl, al wordt het zelden zo benoemd.
Wat mij opvalt bij herdrukken van klassieken is hoe sterk de tijd zichtbaar wordt in een oude vertaling. Niet omdat de taal verouderd is, maar omdat de opvattingen over ritme, over spreektaal, over wat een lezer aankan, zijn verschoven.
Waarom herdrukken soms nieuwe vertalingen verdienen
Een herdruk is niet hetzelfde als een heruitgave. Een heruitgave brengt een bestaande tekst opnieuw op de markt, soms met een nieuw omslag of een nieuw voorwoord. Een herdruk met een nieuwe vertaling is iets wezenlijk anders: het is een herlezen van het origineel, met ogen die gevormd zijn door een andere tijd.
Neem een roman als Misdaad en straf. De eerste Nederlandse vertalingen dateerden uit een periode waarin de Russische zin vaak werd afgezacht, ingekort of gesimplificeerd om de lezer niet te verliezen. Latere vertalers lieten de syntactische spanning van Dostojevski veel meer intact, inclusief de zinnen die je bijna de adem afsnijden.
Het verschil lees je niet alleen in de stijl, maar ook in de ervaring van het boek. Dezelfde roman, twee totaal verschillende leeservaringen.
Wat verloren gaat en wat gewonnen wordt
Er is een klassiek debat in de vertaaltheorie: moet je de lezer naar de tekst brengen, of de tekst naar de lezer? De eerste benadering behoudt vreemdheid, de tweede maakt glad. Beide hebben verdedigers die gelijk hebben.
Wat ik zelf merk als lezer: ik waardeer een vertaling die me soms even laat struikelen. Niet omdat ongemak op zichzelf een deugd is, maar omdat het me eraan herinnert dat ik een tekst lees die ergens anders vandaan komt. Die wrijving is informatief.
Tegelijk zijn er vertalers die zo trouw zijn aan de brontekst dat de Nederlandse zin kreupel wordt. Trouw aan de letter is niet hetzelfde als trouw aan de geest, en dat onderscheid is precies waar het vakmanschap zit.
Debuten in vertaling: een bijzonder geval
Een debuutroman in vertaling heeft iets kwetsbaars. De schrijver heeft nog geen reputatie die de lezer meeneemt, en de vertaler moet dus dubbel werk doen: niet alleen de taal overbrengen, maar ook de stem van iemand die nog aan het ontdekken is wie ze is.
Ik lees graag debuten in vertaling, juist omdat ze riskanter zijn. De schrijver heeft nog geen vaste hand, de zinnen zijn soms ongelijk, er zitten passages in die te lang zijn en passages die te snel gaan. Een vertaler die dat egaliseren wil, maakt een nettere roman maar een minder eerlijke.
De meest interessante debuten in vertaling die ik de afgelopen jaren heb gelezen, hadden gemeen dat de vertaler de onzekerheid van de stem heeft laten staan. Dat vraagt moed, want het ziet er soms uit als een fout.
Hoe je een vertaling leest als je de brontaal niet kent
Dit is een vraag die ik mezelf regelmatig stel, en het antwoord is eerlijk gezegd: je leest altijd de vertaler mee. Dat is geen probleem, het is een gegeven.
Wat je wel kunt doen, is letten op consistentie. Blijft een personage dezelfde stem houden door het hele boek? Kloppen de registers bij de situaties? Is de dialoog anders van toon dan de vertelpassages, en zo ja, op een manier die intentioneel lijkt?
Je kunt ook twee vertalingen naast elkaar leggen, als die bestaan. Dat is een van de meest leerzame leesoefeningen die ik ken. Niet om te oordelen welke beter is, maar om te zien welke keuzes er überhaupt gemaakt konden worden. Het laat zien hoe breed de ruimte is die een vertaler heeft, en hoe die ruimte ook een verantwoordelijkheid is.
Ik herinner me een avond waarop ik twee edities van hetzelfde Spaanse boek naast elkaar had liggen, de ene van een uitgever uit de jaren tachtig, de andere een recente hertaling. De kamer was onhandig ingericht en ik had de boeken op mijn schoot, staand bij de boekenkast, terwijl mijn televisie op een tijdelijke standaard stond die ik had geleend bij Muurbeugel van een buurman die zijn woonkamer aan het verbouwen was. Ik noem het alleen omdat die avond me bijblijft, niet om de omstandigheid maar om wat ik las: dezelfde zin, in twee versies, die precies het tegenovergestelde gevoel opriepen.
Veelgestelde vragen over vertaalkeuzes in literatuur
Maakt het uit wie een boek heeft vertaald?
Ja, aanzienlijk. De vertaler bepaalt mede het ritme, de toon en de sfeer van een boek. Bij schrijvers met een sterk eigen geluid, zoals Bernhard of Woolf, is de vertaalkeuze soms bepalender dan de bandtekst doet vermoeden.
Hoe weet je of een vertaling goed is?
Dat is moeilijk te beoordelen zonder de brontaal te kennen. Wat je wel kunt lezen, is of de tekst consistent is, of de stem levend blijft en of de zinnen kloppen als Nederlandse zinnen, niet als vertaalde zinnen.
Waarom worden klassiekers opnieuw vertaald?
Taal verandert, en opvattingen over wat een lezer verdraagt veranderen mee. Een nieuwe vertaling is geen kritiek op de vorige, maar een andere lezing van hetzelfde origineel, vanuit een andere tijd.